Typerace: samen typen op snelheid
Iedereen krijgt dezelfde tekst en typt hem zo snel mogelijk over. Je ziet de baantjes naast elkaar opschuiven en je snelheid loopt live mee. Meedoen kan zonder account: je maakt een race, deelt de code en de rest van de groep doet mee.
Zo werkt het
Typ eerst even in je eentje
De tool opent met een tekst en verder niets. Klik in het vak en begin: je snelheid in woorden per minuut staat er meteen bij. Dit is ook wat je doet als je nog geen race hebt.
Maak een race en lees de code voor
Kies een naam, druk op "Race maken" en je krijgt een code van vier tekens. Schrijf hem op het bord of deel de link. Iedereen die hem intypt, komt in dezelfde race.
Start als iedereen binnen is
In de wachtruimte zie je wie er zijn. Degene die de race maakte, drukt op start; daarna telt het scherm bij iedereen tegelijk af van drie en gaat het los.
Kijk hoe de baantjes opschuiven
Elke deelnemer heeft een eigen baan en schuift op naarmate er meer letters goed staan. Wie als eerste bij de finish is, staat bovenaan de uitslag, met snelheid en nauwkeurigheid erbij.
Met de klas, of met een groepje
Zet de tool op het digibord, maak een race en schrijf de code groot op het bord ernaast. De leerlingen typen de code over op hun eigen laptop of Chromebook en kiezen een naam. Een account hebben ze niet nodig, en installeren hoeft ook niet.
Houd het bord vooraan op de racebaan staan terwijl de klas typt. Dat is het halve plezier: je ziet de baantjes langzaam uit elkaar lopen en iedereen ziet het tegelijk. De tekst zelf lezen de leerlingen van hun eigen scherm.
Een race duurt ongeveer een minuut. Dat maakt het een goede afsluiter van een les, of iets om drie keer achter elkaar te doen als je met typen bezig bent. Wie halverwege afhaakt houdt de rest niet op: de uitslag groeit gewoon aan naarmate er meer binnenkomen.
Het hoeft trouwens geen klas te zijn. Een race is een code en een link, dus een clubje, een gezin aan de keukentafel of een groepsapp werkt net zo goed: wie de code intypt, staat in dezelfde race, waar hij ook zit.
Wat woorden per minuut betekent
Een "woord" is bij elke typetest vijf tekens, spaties meegerekend. Dat is geen echt woord maar een afspraak, en juist daarom handig: het getal dat hier staat is hetzelfde getal als op andere typetests, dus je kunt het vergelijken.
Ter oriëntatie: een kind dat net leert typen haalt tussen de 15 en 25 woorden per minuut, iemand die blind typt zit rond de 50 tot 70, en boven de 100 wordt het uitzonderlijk. Het gaat om de groei, niet om het getal.
De nauwkeurigheid ernaast zegt hoeveel van je aanslagen raak waren. Snel en slordig typen levert hier weinig op: je moet elke fout eerst verbeteren voordat je verder kunt, dus tien fouten kosten je meer tijd dan ze opleveren.
De challenge van de week
Elke week staat er één tekst klaar die voor iedereen hetzelfde is. Je typt hem in je eentje en je tijd komt op het klassement van die week. Proberen mag zo vaak je wilt; je beste poging telt.
Hiervoor is wel een account nodig. Een klassement is alleen iets waard als jij volgende week dezelfde regel bent, en dat kan een browser zonder inlog niet beloven. De races zelf blijven vrij voor iedereen.
Op het klassement staat je voornaam en de eerste letter van je achternaam, meer niet. Een naam die je opgaf om in te loggen is geen naam die je op een openbare pagina wilde zien.
Wat er te oefenen valt
Typen is een motorische vaardigheid, net als veters strikken: je wordt er beter in door het vaak en kort te doen, niet door er een uur voor te gaan zitten. Drie races aan het eind van een les werken beter dan een half uur oefenen op vrijdagmiddag.
De grootste winst zit niet in sneller bewegen maar in minder kijken. Wie zijn handen op de juiste toetsen houdt en niet meer naar het toetsenbord kijkt, wordt vanzelf sneller. Spreek af dat de tekst boven het vak gelezen wordt, niet de toetsen eronder.
De teksten hier zijn geen losse woorden maar echte zinnen, met hoofdletters, komma's en punten. Dat is met opzet: in de praktijk typ je zinnen, en de pinken en de shift-toets horen daar gewoon bij.
Veelgestelde vragen
Moet iedereen een account maken?
Nee. Een race maken en meedoen kan zonder inloggen; ze typen alleen een naam in. Alleen voor de challenge van de week is een account nodig, omdat daar een klassement bij hoort dat weken meegaat.
Hoe lang blijft een race staan?
Eén dag. Daarna is de code weg en levert de link niets meer op. Een race hoort bij het uur waarin hij gereden wordt; voor de volgende les maak je een nieuwe.
Hoeveel mensen kunnen er meedoen?
Zestig, dus twee klassen tegelijk passen erin. De racebaan blijft leesbaar tot een stuk of dertig baantjes; daarboven wordt hij smal.
Kan iemand een vervelende naam invullen?
Namen worden gecontroleerd tegen een lijst met scheldwoorden in het Nederlands, Engels en Duits, ook als er cijfers of punten tussen staan. Het is een zeef en geen slot: wie het er echt om doet, komt erdoor. Daarom staat de racebaan bovenaan in beeld, waar iedereen hem ziet.
Welke naam komt er op het klassement van de week?
Je voornaam en de eerste letter van je achternaam, dus "Sanne B.". Je volledige naam en je e-mailadres komen nergens op een pagina die anderen kunnen zien.
Kan er valsgespeeld worden met de snelheid?
De tijd wordt op de server gemeten, van het moment dat de race begon tot het moment dat de tekst af is. De browser geeft alleen door hoeveel aanslagen er misgingen. Een snelheid die menselijk niet haalbaar is, wordt niet opgeslagen.
Werkt het ook op Chromebooks en tablets?
Op een Chromebook of laptop werkt het zoals bedoeld. Op een tablet zonder toetsenbord kun je meedoen, maar een typerace op een schermtoetsenbord is een andere wedstrijd.
Kan ik zelf een tekst kiezen?
Nog niet. De teksten zijn korte stukjes van ongeveer een minuut, en ze zijn per taal geschreven: de Nederlandse race gaat over Nederlandse zinnen en niet over een vertaling.
Andere tools
- Timer
Aftimer met grote cijfers en een geluid aan het eind.
- Schoolbord
Schrijven en tekenen op het digibord, met stiften, een gum en lijnen of ruitjes.
- Sommenflitser
Sommen flitsen één voor één over het digibord, de klas schrijft de antwoorden op.
- Werkwoordspelling
Vul het werkwoord in de zin in. Tegenwoordige, verleden en voltooide tijd, met zinnen over voetbal, gamen of vakantie.